Waar de konijnen spelen
Op spots wereldwijd overheersen meestal één of twee merken. In Zuid-Afrika is dat beeld wat diverser. Eén van de teams die eruit sprong was het team van Wainman Hawaii, met als één van de meest prominente rijders de manager van Aaron Hadlow: Jason Furness. Op een morgen in Haakgat ripte het team de golven alsof ze niet twee verdiepingen hoog waren. Ik wilde meteen meespelen.

Iedere kite zijn eigen naam
Bij Wainman Hawaii heeft elke kite zijn eigen naam. Zo heet de 15meter de Big Mama, 12meter de Boss, de 9meter de Smoke, de 7meter de Gypsy en de 5meter de Bunny. De 5meter is typisch een kite waarvan je denkt: wat moet ik er mee? Maar op het moment dat de grote maten in de tas blijven komt de Bunny uit haar hol en je wilt haar stevig vasthouden. Vijf meter om net als Chris Immers kiteloops te trekken of om in die beukende wind de golven te verkennen.

Strapless downwinders langs de kust
Ik heb één lievelingsplek voor downwinders langs de kust: Nederland, de speeltuin waar ik voor het eerst de Bunny uitprobeerde in condities waar het verschil tussen de constante wind en de vlagen eigenlijk te groot was. Desalniettemin overleefde ik het en de vlieger bleef ondanks de vlagen strapless controleerbaar. Maar in zulke condities had ik gewoon geen plezier. De volgende keer dat de Bunny uit de tas ging was in Zuid-Afrika tijdens een downwinder met een constantere windkracht 8. Tijdens de downwinder kon ik de snelle, maar niet nerveuze kite dankzij de bardruk perfect aanvoelen. Ik voelde mij op mijn gemak en kon genieten van de lange golven.

Conclusie
De stijgende populariteit van golfrijden maakt de vraag naar kleinere kites groter. Op een surfboard kan je al snel een maatje kleiner pakken dan je met je twintip gewend bent. In de zuidwester stormen is een zeven of een acht soms al te groot. Met mijn gewicht (80 kg) kan ik met iets meer dan twintig knopen al een vijf varen op mijn surfboard. Is deze niet meer te houden, dan blijf ik liever aan de kant. Ik kan mij voorstellen dat de lichtere rijder al onder de twintig knopen met een Bunny kan varen. De Bunny is bijzonder stabiel in harde vlagerige wind, is niet nerveus, maar blijft controleerbaar. Een must in de quiver van de serieuze golfrijder.

Door: Stefan van der Kamp